Hier staat ook je volgende vraag al beantwoord: waar mag je op de weg rijden met zo'n ding?
Wetten.overheid.nl
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Hoofdstuk I Begripsbepaling
Artikel 1
“brombakfiets : bromfiets op drie symmetrisch geplaatste wielen, met twee voorwielen en uitsluitend ingericht voor het vervoer van de bestuurder en van goederen en eventueel van een achter de bestuurder gezeten passagier;”
Hoofdstuk II Verkeersregels
• § 1 Plaats op de weg
Artikel 6
1.Bromfietsers gebruiken het fiets/bromfietspad.
2.Zij gebruiken de rijbaan indien een fiets/bromfietspad ontbreekt.
3.Bestuurders van bromfietsen op meer dan twee wielen en bromfietsen met aanhangwagen, die met inbegrip van de lading breder zijn dan 0,75 meter, mogen de rijbaan gebruiken.
Hoofdstuk II Verkeersregels
• § 28 Helmen
Artikel 60
• 1. De bestuurder en de passagiers van bromfietsen, brommobielen zonder gesloten carrosserie, motorfietsen en driewielige motorvoertuigen zonder gesloten carrosserie moeten een goed passende helm dragen, die door middel van een sluiting op deugdelijke wijze op het hoofd is bevestigd en die is voorzien van een goedkeuringsmerk als bedoeld in artikel 22, vierde lid, van de wet.
• 2. Het eerste lid geldt niet voor:
o a. de bestuurder en de passagiers van een snorfiets;
o b. de bestuurder en de achter hem zittende passagier van een brombakfiets;
o c. de bestuurder of de passagier van een door de Dienst Wegverkeer aangewezen type bromfiets, niet zijnde een brommobiel, of motorfiets van wie de zitplaats beschermd wordt door een veiligheidscel en voorzien is van een autogordel, mits van deze autogordel gebruik gemaakt wordt. Bij de aanwijzing kan onderscheid gemaakt worden tussen de bestuurder en de passagiers ten aanzien van de gelding van het eerste lid. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld betreffende de eisen waaraan een type bromfiets of motorfiets moet voldoen om te kunnen worden aangewezen. Deze regels zien in elk geval op de eisen die gesteld worden aan de veiligheidscel en de autogordels;
o d. de bestuurder of de passagiers van een brommobiel zonder gesloten carrosserie of een driewielig motorvoertuig zonder gesloten carrosserie van wie de zitplaats in deze brommobiel of dat motorvoertuig is voorzien van bevestigingspunten voor een autogordel overeenkomstig richtlijn 97/24/EG, zoals deze gold op de datum waarop het voertuig in gebruik is genomen, en van een autogordel die voldoet aan artikel 5.6.47, derde en vierde lid, van de Regeling voertuigen of aan artikel 5.5.47, vierde en vijfde lid, van de Regeling voertuigen, mits van deze autogordel gebruik gemaakt wordt.
• 3. Het is bestuurders verboden passagiers beneden de twaalf jaren te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
